• Nederlands
  • Français
  • Links
  • Sitemap
  • Contact
  • Persberichten
  • Toespraken
  • Agenda
  • In de pers
  • Blogs
  • Beleid
  • Yves
  • Contact

Toespraak van Eerste Minister Yves Leterme op de Nationale Herdenking voor de slachtoffers van de treinramp in Buizingen/Halle.

Print deze pagina

Toespraak van Eerste Minister Yves Leterme op de Nationale Herdenking voor de slachtoffers van de treinramp in Buizingen/Halle.

  • Persberichten

27/02/2010

 

 

Het gesproken woord geldt

Beste families en naasten van de slachtoffers,

Beste leden van de hulpdiensten,

Beste personeelsleden van de NMBS,

Monseigneur,

Excellenties,

Dames en Heren,

 

“Mon amour si léger prend le poids d’un supplice”. Ik denk aan dat vers van Paul Eluard, over de dood van zijn zeer geliefde echtgenote, nu ik hier het woord neem.

Wij zijn hier samengekomen om de slachtoffers te herdenken van de treinramp van 15 februari. We zijn hier samengekomen om ons oprecht medeleven en onze solidariteit uit te spreken met de nabestaanden van de mensen die het leven verloren in die ramp. En met de slachtoffers die in lichaam en ziel gewond werden.

De dood van een geliefde is altijd een oneindig verdriet. Ze is het nog meer wanneer ze toeslaat zonder te verwittigen, zonder dat er tijd is voor een teder woord van afscheid.

Aan de families aan wie een geliefde persoon zo bruusk ontrukt is, zeg ik, met nederigheid en schroom: bij een ramp als deze schieten woorden telkens weer te kort. Woorden kunnen de mensen wier treinrit plots zo tragisch eindigde niet weer tot leven wekken, woorden kunnen de wonden niet ongedaan maken.

Maar woorden kunnen wel troost geven, en menselijke warmte. Aan de mensen die rouwen om hun man, hun vrouw, om een zoon, een dochter, een vader, een moeder, een verwant, een dierbare vriend, zeg ik, namens al degenen die hier bijeengekomen zijn: wij kunnen niet, zoals u, de volle smartelijke schok voelen van deze tragedie. Maar weet dat wij, zeer oprecht, meevoelen met uw verlies, met uw pijn, weet dat u zeer intens in onze gedachten aanwezig bent.

Ik wil u ook zeggen dat ik heel goed besef dat voor u nu de moeilijkste dagen beginnen. Wanneer de begrafenis en de rouwplechtigheden voorbij zijn, wanneer het gewone leven zijn rechten weer opeist, dan dringt pas echt, dag na dag, dat verkillende besef door dat een geliefde nooit meer terugkeert, dat zijn of haar kamer, zijn of haar bed, zijn of haar plaats aan tafel voor altijd leeg blijft.

 Dat verlies is de smart die u draagt, dag na dag, en die niemand van u kan overnemen. Maar uw omgeving, wij allen kunnen helpen door naast u te staan, door naar u te luisteren wanneer u dat nodig hebt, door u moed in te spreken.

Zij die in de ramp gewond werden, zeggen we alle mogelijke hulp toe voor een voorspoedig herstel. Ook voor de zwaar gewonden begint nu de moeilijkste periode, van de strijd dag na dag voor herstel.

Beste families en naasten,

Monseigneur,

Excellenties,

Dames en Heren,

 

Het is onmogelijk over die ramp te spreken zonder woorden van waardering voor het werk van alle redders en hulpverleners. Niet alleen de snelheid en efficiëntie van hun optreden, maar ook hun toewijding en hun menselijkheid verdienen alle lof.

De ramp in Buizingen/Halle heeft opnieuw getoond dat dergelijke tragische gebeurtenissen het beste naar boven brengen in mensen.

Op de dag van het ongeluk zijn koning Albert en ik zelf ter plaatse gegaan en hebben er de toewijding en de inzet geprezen van de reddingsdiensten van de brandweer, de politie, de civiele bescherming, de dringende medische hulpverlening, van de ziekenhuizen die de gewonden opvingen. Ik wil die lof hier met de grootste nadruk herhalen. En ik wil ook mijn waardering uitspreken voor de werknemers van de NMBS die dag in dag uit met opmerkelijk plichtbesef het veilige vervoer van zo vele passagiers verzekeren. Hun aanwezigheid hier toont dat zij meer zijn dan loutere werknemers van een vervoerbedrijf.

 

Beste families en naasten,

Monseigneur,

Excellenties,

Dames en Heren,

 

Het is gebruikelijk dan men een plechtigheid begint met de verwelkoming van alle aanwezigen. Ik heb daar een uitzondering op gemaakt omdat ik mij eerst wilde richten tot de mensen om wie wij hier samen zijn, tot hen die het zwaarst getroffen zijn door de ramp

De aanwezigheid hier van u allen, vertegenwoordigers van alle overheden van ons land toont dat niet alleen de nabestaanden rouwen, maar dat wij ook als natie getroffen zijn.

Inderdaad, bij een dergelijke ramp overvalt ons allen een gevoel van verslagenheid, van samen meevoelen, van bezinning. Als landgenoten vormen wij immers een collectiviteit, geen loutere verzameling van individuen.

Daarom ook is er deze nationale herdenking, als uiting van dat medegevoel, van de rouw van een heel land. Ik dank al degenen die hier dat medeleven, die solidariteit komen betuigen, en ik wens aan de kroonprins te zeggen hoezeer de aanwezigheid van het vorstenhuis wordt op prijs gesteld.

‘J’étais si près de toi que j’ai froid près des autres’, zegt het laatste vers van het mooie gedicht van Eluard voor zijn overleden vrouw.

 Voor u, de nabestaanden van de slachtoffers, breekt nu ook een periode van koude aan, van de koude en leegte die de dood van een geliefde laat. Maar ik hoop van ganser harte dat deze nationale herdenking, dat de aanwezigheid hier van gezagdragers en vertegenwoordigers van het hele land, voor u toch een bron van warmte en licht kan zijn. En ik hoop dat de woorden die u tijdens deze plechtigheid zal horen balsem kunnen zijn op de wonde van uw hart en ziel.

Namens de regering, namens alle aanwezigen hier, en in eigen naam, bied ik u nogmaals mijn diepste medeleven aan.

»
  • Français
  • Home
  • Webmaster
  • Contact